dinsdag 30 december 2014

Staat van denken

Hitsig
Hitsig
Hitsig
Hitsig






Ik denk dat het wel duidelijk is. 

Maar voor het geval dat...

I need some.



vrijdag 26 december 2014

Lava is goede aarde, voor een nieuwe tuin.

Wanneer een vulkaan uitbarst, volgt destructie.

Een stroom van lava komt naar beneden. Laat de wereld op zijn grondvesten schudden en overspoeld alles.
Alles wat leeft wordt verwoest en in de as gelegd.

Stilte volgt..
Een lange stilte. Vol van angst en twijfel. Niet weten wat er nu gedaan moet worden. De wereld is kaal en leeg. Er lijkt geen hoop meer te zijn. Alles is zwart.

Tot de as uit elkaar valt. Er regen bij komt. Dan blijkt dat de as van lava een vruchtbare basis te zijn. Langzaam maar zeker ontspruit er nieuw leven. Groen, tussen al het zwart. Nieuwe scheuten, nieuwe geluiden. Een nieuwe omgeving wordt geboren.

Ik zat in een heel donkere tijd. Verloren kinderen, een vader die dood ging. Banen die verloren zijn en denken dat ik bij iemand anders meer geluk zou vinden. De lava kolkte om mij heen. En de trillingen van het geweld zijn nog te voelen, het gerommel nog te horen.
Echter, de eerste zonnestralen breken door het duister. En ik heb gezien.. Een enkel wit bloempje. Een bloempje van hoop, liefde.

Mijn lief, mijn leven. Ik hoop dat jij dat bloempje ook ziet. Ik zou het zo mooi vinden er samen met jou iets nieuws mee te maken.
Laten we samen opnieuw beginnen. Breng water, breng liefde. Vergeef mij mijn fouten. Ik heb neem jou ook niets meer kwalijk.

Laat ons een nieuwe tuin bouwen.

Ik heb je zo ontzettend lief.

maandag 22 december 2014

Bij jou horen

Ik kan zoet gevoosde woorden spreken.
Woorden van verleiding, spreek ik zonder moeite. Begeerte is een kunst die ik beheerst. Lust is mijn leerling. De dans tussen de lakens, een ritme dat mijn tweede natuur is geworden. De nacht is mijn tijd. De schaduw van de maan, die langs de vitrage mijn contouren streelt. Zware ademhaling. Rauw en hees door verlangen en opwinding. Mijn dans over jou heen, steeds sneller en schokkender. Tot jouw lijf zijn nectar geeft, tijdens de kreun die jij loslaat van genot.

Ik laat haar daar, in de kamer waar zij hoort. Ik gebruik mijn stem, in smeekbede.
Kom terug naar het bed waar je hoort. Naar de vrouw die naar je verlangt. Maak haar lichaam warm. Laat haar slapen met haar hoofd tegen je arm. Bedrijf haar de liefde, volledig en volkomen. Maar niet omdat zij het vuur in jou weet te blussen en weer op laat laaien. Nee, doe dat niet. Doe het, omdat je weet dat je daar hoort.

Ik herinner mij de eerste keer dat ik je zag. Je kwam de roltrap op bij het station. En het eerste en enige dat ik zag, waren je ogen. Die vrolijke, toverachtige spiegels, die plezier uitstraalden.
Ik was op dat moment al verkocht. Al wist ik dat zelf nog niet. Ik besefte niet, dat daar het lot besloten had. Maar toen was ik al van jou.
In de bijbel staat een stukje over man en vrouw. 
'Je zult hem toebehoren. Je zult naar hem verlangen en hij zal over je heersen.'
Ik vond het altijd een naar stukje. Er klonk totaal geen gelijkheid in. En ik wil niet ondergeschikt zijn. Maar ik begrijp nu wat er bedoelt wordt, denk ik. Want jij heerst over mij. Jij bent de koning van mijn hart, de heerser van mijn verlangens. En derhalve behoor ik aan jouw.

Vanaf het begin hebben we haperingen gehad. Grote en kleine. Twijfels zijn er, angsten. Omdat we allebei gesteld zijn op ons eigen ding. En echt een eigen persoon willen zijn met een eigen leven. En we hebben nooit iets gedaan met ons beider verdriet. We twijfelden, kwamen tot de conclusie dat we van elkaar houden en gingen door.

Ik heb je al gezegd dat ik er klaar mee ben. Ik wil je geen verwijten meer maken aangaande onze kinderen. Dat jij bang bent voor de dood, accepteer ik. Ik hoop dat jij kunt accepteren dat ik af en toe blijf vragen wat er zo beangstigend is. Daarmee wil ik je niet belachelijk maken. Ook lach ik je niet uit. Ik wil je oprecht begrijpen. En naast je staan om je op te vangen, als je dat nodig hebt.
En dit is slechts één voorbeeld.

Ik wil mijn aria’s voor je zingen. En dansen voor jou. Ik wil naar je kijken, als je lekker op de bank ligt te lezen. Ik wil je overhoren, als je besloten hebt welke opleiding je wilt gaan volgen en studeren moet.

Echt, ik dacht dat we de laatste weken wat beter gingen praten. En ik wist ook dat we nog een hoop zooi moeten ruimen. Dat we dingen moeten veranderen.

En ik weet wat ik nodig heb, om je de ruimte te kunnen blijven geven. Op dit moment ben ik namelijk afhankelijk. Afhankelijk van jou, omdat we alle sociale dingen samen doen.
Vrijdag heb ik een meisje ontmoet in de trein. Omdat ik de hele avond gestaan had en gedanst wankelde ik nogal de trein uit. Ze vroeg of ze helpen moest. Ik zei dat het niet hoefde. We raakten aan de prat. En zij woont ook nog niet zo lang hier. Ik heb haar mijn nummer gegeven. En gezegd dat ze echt mag appen. Maar dat heeft ze nog niet gedaan.

Hier zit ik in mijn uppie, mijn lief. Ik vereenzaam hier. En dus claim ik jou. Maar hoe ik ook zoek op het internet naar een weg om mensen in de buurt te leren kennen... Hoe dat moet weet ik niet. Het zal wel zo zijn dat ik verkeerd zoek. Maar we hebben uiteraard ook de financiële kant. Veel geld heb ik niet.

Wil je me alsjeblieft helpen om hier in de buurt wat te vinden? Dan heb ik mijn eigen sociale leven weer een beetje. En dan kan ik jou ook meer ruimte geven. Want ik heb mijn eigen ruimte weer. En mijn eigen uitlaatklep. Dan claim ik jou ook niet meer.
Ik heb alleen hulp nodig in de weg er naartoe. Ik zie het niet zo goed en verzuip in de informatie op het internet. Vroeger pakte ik gewoon een lokaal informatie boekje waarin opgeschreven stond waar je cursussen kon volgen en zo. Ik kan het nergens vinden. En dat wat ik heb kunnen vinden , kan ik niet betalen. Wil je mij helpen dat uit te zoeken? Wil je me bijstaan, de eerste keer dat ik daar dan heen ga? Je hoeft me alleen maar af te leveren.

Alsjeblieft mijn lief. Ik wist vanaf het begin dat wij het af en toe moeilijk zouden hebben. Je kent wat dat betreft mijn voorspellende gave. Maar ik weet ook dat wij samen de kracht en het talent hebben om hier iets moois van te maken. En ik kan nog zoveel moois zien, in de toekomst.

Ik hoop dat je dit leest. Maar ik kan me heel goed voorstellen dat jij nu niet op dit verhaal zit te wachten. Als je het wel leest, dan hoop ik dat je er een oplossing in ziet. Al is het dan slechts ten dele de oplossing. We zullen er nog niet zijn.
Maar het is een begin. Een begin voor een nieuwe start. Een nieuwe unieke dans.

Ik ben de vloer opgelopen. En ik wil dansen. Met jou.

zondag 21 december 2014

Yule gedachte

Laat het licht de liefde weder brengen.
In mijn leven,
In mijn hart,
In mijn bed.

Verwarm mij.
Heers over mijn gedachten,
En verlicht het pad,
Dat ik moet gaan.

Leid mij weg uit het duister.
Laat mij wandelen over de weg,
Van verlichting en wijsheid.

21-12-2014

Onder aan de streep

Alle ellende heeft er alleen maar voor gezorgd,
Dat ik meer van je ben gaan houden.

dinsdag 16 december 2014

Laatste Trap

Ik til je uit je bed.
Heel  voorzichtig.
Want ik wil niet,
Dat je wakker wordt.

En stap voor stap loop ik naar de deur,
 De deur van de slaapkamer.
Je hebt hem al die tijd de jouwe kunnen noemen;
Heb je dat ook gedaan?

Ik zet heel voorzichtig mijn voeten neer,
Om zo min mogelijk schokken door te geven.
Bang dan ik je wakker maak,
Dat je ogen weer open gaan.

Ik houd je vast,
De hele weg.
Verwarm je met mijn lichaam,
Geef je leven met het kloppen,
Van mijn eigen hart.

De overloop is belegd met zeil,
En zal dus niet echt kraken.
Het is wel koud en pijnlijk aan mijn voeten,
Als kleine, ijzige naalden door mijn voetzolen.
Maar ik registreer dat slechts,
En schenk daar verder geen aandacht aan.

Ik draag jou,
Mijn lief, leven en oorsprong,
Stap voor stap naar de trap.
En dan,
Alle 15 treden,
Naar beneden.

Statig,
Met het hoofd omhoog.
Er speelt zelfs,
Een glimlach om mijn lippen.

Ik kijk naar jou gezicht,
En druk een kus op je voorhoofd.
Veeg een lok van je wang,
En leg je stropdas nog eens recht

Als men niet beter wist,
Zou men denken dat ik je zou komen tonen,
Aan de wereld.

Maar je bent er niet meer.
En ik draag jou,
Naar je laatste rustplaats.

Statig en beheerst,
Om niet te laten zien,
Wat er nu echt door me heen gaat.


Ik mis je zo,
Mijn mooie papa.

16-12-2014


Prachtige versie

vrijdag 12 december 2014

Donderslag

 Mijn carrière bij de kringloopwinkel is kort.

Vanmorgen heb ik te horen gekregen dat ik ben ontslagen.

Ik ben een leuke meid. Heb een vrolijk karakter en ben een harde werker. Maar mijn aanwezigheid zorgde voor onrust bij een aantal collega’s. En daarom kunnen we niet verder.
Snappen deed ik het niet. Doe ik nog steeds niet. Ik ben daar vijf keer geweest. Collega’s hebben me dingen gevraagd over mij. Ik ben eerlijk geweest. Ik heb verteld wat er met mij aan de hand is. Oke, ik heb niet het achterste van mijn tong laten zien. Niet mijn hele levensverhaal is gelijk over de tafel gegaan. Maar ik ben er eerlijk over geweest.
En vanmorgen kreeg ik te horen voor onrust te zorgen. Geen idee wat ik me daarbij moet voorstellen. Daar heb ik ook geen antwoord op gekregen. Ook kreeg ik geen helder antwoord op waarom mij dat niet door de collega gezegd is. Of wat er dan is.

Ik heb absoluut geen idee meer wat ik moet doen. Op de één of andere manier pas ik nooit in het team. Ze vinden me vrolijk en lief, maar er is altijd wel iets waardoor ik buiten de boot val. Ik hoor er niet bij. Zelfs bij de kneusjes van de kringloopwinkel ben ik niet welkom.
Het grappige eraan vind ik altijd nog wel dat er gezegd wordt dat ik het niet persoonlijk moet opnemen. Het ligt niet aan mij. Er wordt nog eens honderd keer gezegd dat ik enthousiast ben, een leuke meid en een  harde werker. Maar er moet wel rust zijn. En die is er nu niet. Dus helaas.
Het spijt me mensen. Maar als ik het niet persoonlijk op moet nemen. En het komt door de onrust die er door mij ontstaat, dan klopt er iets niet in het verhaal. Waar dat weet ik niet. En of ik dat wil weten, is mij een raadsel. Maar er klopt in je verhaal iets niet.

Wat is ere nou mis met mij? Waarom kom ik altijd als verliezer uit de bus? Waarom pas ik nou nooit in het team? Wat is er nou precies niet goed? Ik had echt het idee hier helemaal te passen. Ik was echt hartstikke blij! Maar blijkbaar was dit niet wederzijds.

Vaak krijg ik te horen dat men mij even moet leren kennen. In het begin kan ik wat vreemd over komen. Of te enthousiast. Maar als men mij eenmaal een beetje kent, ben ik echt een lieverd. (Iets in die strekking krijgt ik te horen.)
Geef haar een kans. Dat is het met mij.

Welnu. Ik heb niet echt het idee dat ik een kans gekregen heb nu. Anderhalve week werken vind ik niet echt afdoende. Maar het zal hem wel aan mij liggen.
Het jaar 2014 is niet mijn jaar. Een hele hoop intens verdriet. Verschrikkelijke gebeurtenissen die veranderingen teweeg brengen voor altijd. Ik hoop dit jaar dan ook snel te vergeten.

Hopelijk is er morgen een klik met Johannes. Dan heeft hij ook snel weer een huisje en ben ik niet meer zo alleen.
In ieder geval heb ik dit jaar wel een leuk nieuw huisje gekregen. En vandaag zijn er weer drie jurkjes binnen gekomen.


woensdag 10 december 2014

Ik heb een date!!!!!!

Ja ja.
Deze dame is super nerveus.
Hij heet Johannes. En hij heeft prachtige groene ogen. Zijn hele snoet schreeuwt karakter, wijsheid. Hij loopt al een tijdje mee en heeft al wat gezien. We zullen elkander dus wel begrijpen.

Ik hoop alleen dat ik niet al te snel beslist heb. Ik zag zijn oproep. en de tranen sprongen in mijn ogen.
"Ik wil hem!" Schreeuwde mijn hart. "Hij hoort bij mij!"

Aanstaande zaterdag hebben we een date. En als alles goed gaat, komt hij nog voor het einde van het jaar bij me wonen.

Dat gaat snel hè? En daarom ben ik ook zo nerveus.
Wat als het nou niet goed gaat tijdens de date? Of nog erger.. Stel nou dat de date perfect gaat en hij bij me komt wonen. Wat nou als het dan toch nog mis gaat en we uit elkaar moeten? Wordt dat dan niet voor ons allebei een teleurstelling?
Ik zou dat zo erg voor hem vinden. Want hij verdient zo erg een goed thuis.

En ik heb er dan ook zoveel geld in gestoken. Hij heeft speciaal eten nodig. En meneer wil zijn eigen toilet, etensplaats en eigen dieet. Daarnaast wil meneer zijn eigen speeltjes en vast en zeker vergeet ik op het moment nog wel een aantal dingen die op zijn verlanglijst staan.

Maar ik kijk er zo naar uit. Ik zie het al helemaal voor me.
Ik lig in bed en wil uitslapen.
Om 06.30 wiebelt er iets over de deken. Vervolgens voel ik iets nats in mijn oor. Heel even maar. Ik besef het maar nauwelijks. Als het weg gehaald zou zijn, zou ik weer ingedommeld zijn. Maar nee, het nattig blijft. En wordt na een tijdje gevolgd door een snorrend en brommend geluid, dat steeds harder wordt.
Als ik daar niet op reageer, gaat meneer maar op mijn haren staan om mij wakker te krijgen voor zijn eten.

Als kat moet je natuurlijk ook wel een hoop doen om dat vrouw-mens wakker te krijgen en je welverdiende eten te scoren!!

dinsdag 9 december 2014

Kay

De hele dag loop ik er al mee rond. 
Denkend over of ik er nu wel of niet wat mee moet doen.
En hakken-sloot ben ik er uit dat ik er toch wat over moet tikken.

De reden waarom ik er over twijfelde is omdat het al zo lang geleden is. Ik zou denken er nu toch wel overheen te zijn.
Maar toch. Iedere december weer heb ik er moeite mee. En de hele maand door zie ik jongens, die ongeveer net zo oud zijn als jij. Ik vraag me de halve maand af hoe jij zou zijn. Op wat voor school je zou zitten en of je aan het bereiken was wat je wilde. Of je gelukkig zou zijn en bezig zou zijn een zelfverzekerde, gelukkige jongeman te worden.

Kay.
Vandaag ben je jarig. Je bent 14 geworden.

Tenminste... Als je zou leven. Maar je bent veilig, aan de andere kant van de dunne lijn. Je bent één van de mijn bescherm engelen. Dat houd ik mezelf in ieder geval voor.
Geen zelfgebakken taart door mij vandaag. Geen slingers in de huiskamer. Geen gegiebel van tiener meisjes, die ongetwijfeld met je mee naar huis gekomen zouden zijn. Geen gezeur om cola, wat niet mag omdat dan de lijm van je beugel loslaat.

Sterker nog... Ik zit hier alleen. Me te beseffen dat je vader bij jou is. Want ook die is niet meer onder de levenden.

Ik hoop je ooit vast te houden. Wanneer ik oud en krakkemikkig zelf over de lijn ben gestapt, hoop ik een jongeman te zien. Eentje waarin ik stukjes van mezelf herken. Maar ook trekken en delen van je vader. Ik hoop dat je me in je armen sluit. En me zegt dat het goed gaat.
Dat je me leid mij naar de tuin van onze voorvaderen, waar we rustig kunnen praten. Over hoe het je vergaan is. En hoe je bent opgegroeid, aan de andere kant. Hoe je daar bent opgeleid, tot wat je nu bent. En jij me kunt vertellen dat je om me gelachen hebt en je plaatsvervangend hebt geschaamd.
Ja, je moeder is niet te trots om toe te geven flaters van fouten te hebben gemaakt. En dat je af en toe net gedaan hebt alsof je mij niet kent.. Ik geef je gelijk. Soms zou ik ook willen kunnen doen alsof ik mezelf niet ken. Hemeltje, als het ogelijk zou zijn om van mezelf te scheiden, had ik dat 20 jaar geleden waarschijnlijk al gedaan.

Maar dat gaat over mij. En het gaat nu over jou. Ik hoop dat, waar je nu ook bent, je omringt bent door liefde. Dat jij je geborgen voelt en je veilig weet tussen vrienden. Ik hoop dat je daar waar je nu bent, alles krijgt wat je nodig hebt om die mooie man te worden die ik voor me zie, iedere keer dat ik aan jou denk.

Ik ben trots op je. En blij dat je mijn zoon bent.
Ik ken je niet, maar ik heb je gedragen. Je hoort bij mij, je bent mijn bloed. En ondanks dat ik je niet vast heb kunnen houden, ben ik blij dat jij in mijn leven bent gekomen.


Je was er, je bent er, je zult er altijd zijn.

Hartelijk gefeliciteerd,
Mijn zoon

woensdag 26 november 2014

Te Vurig

Misschien dat het aan mij ligt hoor. Ik heb het voor elkaar weten te krijgen om al mijn relaties op een geniale manier op de klippen te laten lopen. Ik ben, op eentje na, altijd degene geweest die het uitmaakte. Maar ik kan je vertellen dat dit er niet makkelijker op maakte. Dat ik het uit maakte, hield niet automatisch in dat ik ook niet meer van de man in kwestie hield. Sterker nog. Ik heb het uitgemaakt en stond vaker op het punt van uitmaken, juist omdat ik van hem hield.

Ik ben blijkbaar te vurig. Ik verwacht aardig wat aandacht. En het lijkt erop dat de heren die door mijn leven lopen/liepen, niet in staat zijn die te geven. Ze kunnen niet omgaan met de stortvloed van emoties die ik over ze uitstort. Ze weten niet hoe ze mij sturen moeten. Noch hoe ze aan moeten geven waar hun grens ligt en dat ik die eventueel overschrijd.
En vind maar eens een balans tussen hun en mijn behoefte. Zij willen rust. Hangen op de bank met een computerspel. Of eerst een potje voetballen/hockeyen met vrienden en daarna een biertje doen in de kroeg.

Wanneer ik mijn emoties in de hand heb en alles op rolletjes loopt, is er niets aan de hand. Ga lekker je hobby uitvoeren, mijn lief.
Wil je dat ik je aan de zijlijn aan sta te moedigen? Of mag ik in een hoekje op de bank in mijn boek kruipen? Jij lekker heen en weer rennen achter de bal aan, ik lekker met mijn neus in een goed boek. Af en toe kijk ik wel even of alles goed gaat. En zal ik verliefd naar je zitten te kijken. Wanneer je (oefen) wedstrijd af is, zal ik aan de zijlijn klaar staan met je favoriete sportdrank. En ik wil ook wel een biertje doen.
Of heb je liever dat ik pas kom wanneer je in de kroeg staat? Of kruip je aan het eind van de avond bij mij tussen de lakens. Heb je liever een avond alleen met de jongens?
Ook goed. Als je maar niet lazarus thuis komt. En als je maar bij mij in bed kruipt, dan vind ik alles goed.
Kom bij mij. Laat je hand over mijn rug glijden. Maak me wakker met een lome kus. Laat mij sidderen en voelen dat jij de man bent, in de ritmiek van de nacht. Wees maar even dominant. Nu wel. Ik heb op je liggen wachten.

En daar wringt hem de schoen. Kom bij mij. Ik heb op je liggen wachten.
Ik vind het niet erg als hij zijn eigen dingen wil doen. Ik wil dat ook graag. Al sluit ik mezelf op dat soort momenten eerder op achter de computer in mijn media kamertje. Om te schrijven alsof mijn leven ervan afhangt, terwijl ik luister naar klassieke muziek. Of ik luister een luisterboek, terwijl ik zielsgelukkig een beanie brei of een omslagdoek haak. (Met een appeltaart die staat te garen in de oven.) 
Ik ben een huismus geworden. Eentje die af en toe de deur nog wel uit wil, maar niet goed weet hoe. Ik wil graag naast mijn man staan. Zijn overhemden strijken, zijn broeken persen. Hem helpen met zijn studie voor zijn carrière, als dat moet. Laat me af en toe horen dat ik lief ben. Vertel me af en toe dat je niet weet hoe je zonder mij zou moeten. Durf tegen je vrienden te zeggen dat je trots bent op mij. Ik loop op vleugels en ben de gelukkigste vrouw in de wereld.
En emotioneel zo afhankelijk als een malloot. Afhankelijk van hen die ik liefheb. Van hen die ik in mijn hart gesloten heb. Ik kan ze niet los laten.

En zeker wanneer mijn emoties een deuk op hebben gelopen, eis ik aandacht. Dan wil ik mijn man naast me. Een aai over mijn bol. Een kriebel in mijn nek. Vertel mij dat ik lief ben. Houd mij vast en laat me luisteren naar je hartslag. Kus mijn tranen weg. Sleep mij naar het bed, als ik vraag om geheeld of gegeseld te worden. Laat mijn tot rust komen, in het ritme van raspende ademhaling, schokkende schouders en sidderende ledematen. Laat mij verdwijnen in een klein, veilig wereldje dat wij samen hebben gecreëerd, in de veiligheid van ons eigen huis.

Ik moet leren mijn emoties onder controle te krijgen. En ze op zo’n manier te verwoorden, dat niet iedereen in paniek wegrent, omdat ik ze beklem. Ik zou moeten leren emotioneel onafhankelijk te zijn. Want als ik luister naar wat men om mij heen zoal te vertellen heeft, is dat wat mannen willen. Ze willen een onafhankelijke vrouw.
Nu vertelt niemand erbij wat dat dan precies inhoud. Maar als ik dat hoor, dat woordje ‘onafhankelijk’ heb ik bij voorbaat al de neiging om in huilen uit te barsten. En om mezelf in de wilgen te hangen. Want ik ben dat niet. Ik heb een eigen wil. Ik wil gehoord en erkent worden. Maar onafhankelijk.. Ik ben een te grote speelbal van mijn emoties, vrees ik

En dat lijkt de reden te zijn dat vroeg of laat elke relatie stuk loopt. Geen man die al die emoties kan sturen. Niet temperen die hap. Nee, stuur het een beetje bij. En wees vervolgens trots op je vlammende vrouwtje. De mooiste vlam geeft ze aan jou. De prachtigste dans, danst ze voor jou. Voor jou en niemand anders.
Maar het schijnt een hele kunst te zijn om te sturen. Ik schijn op de één of andere manier niet te vatten te zijn. Niet stuurbaar. Te vurig, te heet.

Hoe leer ik die emoties in de hand te houden? Hoe leer ik wel mezelf te zijn. Met al mijn spetterende emoties; zonder dat ik hem beklem en het idee geef hem te claimen?

zaterdag 22 november 2014

Vele Gezichten

Trek je jas uit en ga zitten, in mijn virtuele huisje. Vertel mij, wat ik kan doen om je te behagen.

Wie ik ben en waar ik vandaan kom, is nu even niet belangrijk. Ik ben Nederlandse, vrouw. Ik ben dol op schrijven en lezen.

Dit blog start ik, om ongegeneerd alles te kunnen plaatsen wat ik wil. Zonder dat ik me ervoor hoef te schamen. Over leven, verdriet, seks. Meestal zal dat wel in het Nederlands zijn. Een enkele keer ook in het Engels.
Het gaat mij erom, dat ik alles gewoon kan plaatsen. Ik doe wel aan meerdere vormen van blogs, maar daar sta ik bekend. Daar word ik gevonden door allerlei mensen. En dan schrijf ik liever niet over seks. Daar krijg je vreemde blikken van. Hier kan ik plaatsen wat ik wens. Het is redelijk anoniem. Ik kan foto's plaatsen, plaatjes, gedachten. Alles blijft bij mij. Ik zal het verbergen achter het masker van de waarheid.

Ik laat je zien, alle vrouwen die ik waarborg. Die in mij zitten. Ze hebben allen eigen namen, die ik soms ook plaatsen zal. Ze zijn puur, echt. Hoe virtueel ze ook zijn, ze geven ieder aan wie en wat ik ben. Mijn onschuld, mijn warmte. Mijn liefde, mijn hartstocht. Mijn onverzadigbaarheid, mijn trots. Mijn woede, mijn verleiding. En elke emotie die er verder is.


Wees op je hoede, voor al deze vrouwen. Je kunt er verslaafd aan raken.

woensdag 19 november 2014

Maar missen doe ik je wel.

Het enige dat ik zag, waren je ogen en die kop vol haar. Maar vooral die kwinkel-oogjes van je.
Ze straalden branie uit. Een jongensachtige stoutheid die niet te stoppen was. Pret, lol.
Op het strand watergevechten houden, tot het einde der tijden. In de Efteling keer op keer de Python in. Net zolang tot je kotsmisselijk dat karretje uit komt. Een Peter Pan, in het lichaam van een volwassen man.
Tegelijkertijd een overwicht. Iemand die weet wat hij wil en daarvoor knokt. Iemand die iedereen aan het lachen maakt, de clown uit hangt. Omdat hij niet wil dat iedereen weet wat er onder die show zit. Maar een rust heeft gevonden, die alleen gekend wordt door een volwassen man.

Dat trok mij aan. Intelligentie is het nieuwe sexy. En intelligent ben je.
Je maakte me aan het lachen, bent spitsvondig. En de manier waarop jij je beweegt schreeuwt voor mij seks. Onder negen atmosferen. Zo vaal je wilt, waar je wilt, hoe je maar wilt. Het maakt me niet uit hoe je me doet. Als je me maar doet. Als je me maar laat weten dat je een man bent. Als je mij maar laat weten, dan je kunt heersen. Al was het enkel maar tussen de lakens.

Je bent onder mijn huid gekropen, ondanks dat ik dat niet wilde. Je bent gaan heersen in mijn dromen, ondanks dat ik ervoor waakte. Via een slinkse weg ben jij mijn gedachten gaan domineren. En heb je chaos weten te creëren, in alles wat mijn wereld was.
En ik weet niet meer, of het nu het droombeeld is, of dat jij het bent.
Ik heb een tijdje gedacht dat je mij wel leuk vond. Puur door een aantal reacties die jij gaf op mijn opmerkingen. En de plotselinge afstand die je creëerde, toen je er achter kwam dat ik een partner had.
Maar de laatste tijd die we samen spendeerde, was je koel en koud. Reageerde je alsof ik het naarste was dat in je omgeving was. Weigerde je alles wat ik je aanbood.

Ik zal je niet meer zien. De rust kan dus weer wederkeren, in de wereld die mijn emoties zijn. Jij bent mijn wereld uit. En ik blijf achter met twijfels. Want ik zou niet weten hoe. Maar iets in mij zegt dat jou lot en dat van mij verbonden zijn. Juist omdat we zo verschillend zijn. En jij dingen belichaamd die ik maar wat graag zou willen, maar domweg niet ben. En elke vezel in mij schreeuwde dat jij hier hoort. Dat jouw stem mijn leven moet verrijken.

Mijn hoofd vertelt dat het beter is zo. Dat ik me gelukkig moet prijzen met wat ik heb en het zo moet houden. Dat ik moet gaan voor de vastigheid. En dat jij je toch geen seconde van je tijd af zult vragen hoe het met mij is. Dat ik niets meer van je horen zal. En dat je me straal voorbij loopt, mocht ik je ergens tegen komen.

De tijd zal leren wat het beste is. Maar missen doe ik je wel.

Gekke geleerde God

Of ik nou een ketter ben, weet ik niet. Ik voel mij ook niet geroepen om daar zelf een oordeel over te vellen. Dat ik anders denkend ben is een feit. Dat ik daardoor mensen tegen mij in het harnas jaag een logisch gevolg daarvan. Maar dat neem ik voor lief. Ik gedij immers op tegenstand. 


Wat kan ik mij ergeren aan de arrogantie van de geestelijken! Waar halen zij het recht vandaan?! Hoe kan men denken superieur te zijn aan elke andere creatie God’s? 
Ben ik echt heidens als ik neerzijg voor een grote boom? Ben ik lasterlijk als ik eerbied betuig aan een prachtig bos en mij nederig voel, bij zo’n sublieme creatie? 
God heeft ons dat gegeven, om erin te leven en ervoor te zorgen. Wij zijn onderdelen van Zijn grote Plan, op weg terug naar het beloofde land. En wij voelen ons superieur aan de vrede, in onze arrogantie. 

Geen boom die eraan denk zijn omgeving te vervuilen. Geen dier dat een oorlog zal starten om machtsuitbreiding. Geen insect dat olie uit de grond zal halen. Geen grasspriet die zich in ijdelheid zal tooien. 
De mens voelt zich superieur, omdat hij denken kan. Heerst over de aarde en wil de natuur naar zijn hand zetten, in plaats van zich te schikken. De mens denkt superieur te zijn en is dus superieur in al zijn fouten. Dit omdat de idee superieur te zijn niet klopt. Wij zijn immers in zonde geboren. Dus de imperfectie was aan het begin al aanwezig. Iets wat niet gezegd is over het dierenrijk. 

Ooit lag de wereld er in haar maagdelijkheid prachtig bij. Zij groeide en bloeide in al haar glorie God’s. En toen kwamen Adam en Eva roet in het eten gooien. Zij verlieten het hof en trokken de wereld in. 
Vervolgens is het hele Oude Testament kommer en kwel. De zondvloed heeft het er niet beter op gemaakt en zelfs Heere Jezus heeft voor de meesten geen licht op de zaak kunnen laten schijnen. Wij verwoesten nog steeds met een honger die steeds groter wordt, op zoek naar mammon. 

Dus lijkt mijn relaas haast een aanklacht aan God zelve! 
Waarom heeft U de mens geschapen? In al Uw genialiteit beging U de meest menselijke fout die er maar is: U creëerde de mens. 
En dan kan ik niet anders dan zedig de handen vouwen. Ik stel mij een geleerde voor van midden dertig met een labjas aan. Op een grote tafel staan stellages, reageerbuisjes, branders en een petrieschijfje. Vanuit dat petrieschijfje klinkt mijn stem: 

“ Oneindig wijze God. Waarom trekt U de stekker er niet uit? Waarom eindigt de mens niet in de prullenbak? 
Ga terug naar Uw tekentafel, Maak een nieuwe wereld met nieuwe rassen die niet zo vernielzuchtig zijn. 
Ik weet dat ik vele geestelijken tegen spreek. Dat het ketters is en dat ik aan de schandpaal genageld wordt. Maar dan liever dat en spreken. Want het doet mij zo’n pijn te moeten zien hoe oneerbiedig men met Uw schepping omgaat.” 



09-04-2010

maandag 17 november 2014

Onder mijn Huid

Ik opende de deur naar mijn ziel en ze liep naar binnen. Uit haar eigen vrije wil liep ze naar de vallen van mijn woorden.



Vanuit de krochten van mijn kelder volg ik haar. Elke stap die ze zet echoot door mijn huishouden. En ik wacht, houd haar in de gaten. Volg haar bewegingen en kijk naar wat ze doet.



Ze loopt van kamer naar kamer. Bewondert, lacht en houdt vast. Laat minuscule sporen na van haar aanwezigheid. Een echte opmerking laat ze niet achter, open en bloot. Ze geeft mij een reactie in een persoonlijke noot.



Een briefje op een kast. Dat ze gelachen heeft en mijn humor kan waarderen. Een vingerafdruk op een foto uit mijn herinnering. Het lijkt of ze die liefkoosde. Ze keek naar tekeningen, werd erdoor geroerd. Ik zie sporen van haar ademtocht. Ze blijven hangen, ergens in mij.



Haar horloge in de balzaal. Zonder het zelf te weten, heeft ze die daar verloren. Ik weet dat ik het terug zou moeten brengen. Ze hecht er waarde aan. Maar als ik het oppak voel ik, nee WEET ik, dat ze hier gedanst heeft. Ze walste door mijn zaal heen, met een glimlach op de lippen. Ze prefereert de tango, maar het staat zo raar, als je die in je eentje danst.

Ik hoor het klokje gaan. Tik tak tik tak Net het kloppen van haar hart. Tik tak Tik tak

Het klokje hangt aan een ketting. Hoe ze die verliezen kon, is mij dus niet duidelijk. En voor mijn ogen doemt een beeld op. Van haar rijzende en dalende borst, met die ketting die rustig meedeint. Dat klokje aan het eind, dat tussen haar borsten door in haar blouse verdwijnt.



Ik volg het ritme van haar dans, de volgende kamer in. De eetzaal.

Gelijk weet ik waar ze gezeten heeft. Er hangt nog een lichte fleem van haar geur. Haar parfum. Ze heeft haar bord opgeruimd, maar haar glas staat nog op een hoek van de tafel. Een restantje van een rode vloeistof. Rode wijn? Port? Ze lust het allebei.



Mijn geestesoog zoekt weer naar haar essentie en vindt haar, slapend. Ze ligt op een bank bij de trap. Vredig in en uit te ademen, de lucht te beroeren die zo lang heeft stil gestaan. Ze draait zich om en kreunt heel even. Zich er niet van bewust dat ik haar droom zie. Die ziet er vredig uit. Slaap jij maar meisje. Slaap en laat via je dromen zien wie jij bent.



Langzaam vallen uiterlijkheden van haar af. Harnas, masker, sociale schijn. Ze toont stukjes van haar ziel en elke vrouw die deze waarborgt. Ze toont ze allemaal en in vol ornaat. Puur, naakt. In willekeurige volgorde en ze komen steeds terug.

En ik kijk. Kijk naar haar essentie, lees haar woorden en gedachten. Ze is spannend, lief. Mooi, agressief. Onverzadigbaar, naïef. Vrouwelijk en ongelooflijk opwindend.


Ze kruipt onder mijn huid, via mijn aderen mijn lichaam in. Vermengt zich langzaam, met elke vezel van mijn verlangen.

Ik weet het niet meer. Zij had in mijn val moeten lopen, niet andersom. Moet ik haar vernietigen? Wegsturen uit mijn huis? Haar aan haar haren naar mijn bed slepen? Jacht op haar gaan maken?



Kan ik haar weer laten gaan? Of wil ik dat ze blijft en koningin wordt, van mijn onderkomen?


zondag 16 november 2014

Kamo-Kat

Het is donker, klam. 

Er krioelt van alles om ons heen. Al wat we zien, zijn bladeren, takken en wortels. 

Wij, Mabon Sabbath, zijn heldhaftig op verkenningstocht gegaan. 

Hoe lang we hier nu al zitten, weten we niet. Lang, want er lijkt al een keer een zon neder te zijn gedaald. 

In de verte horen wij gedempte geluiden. Vogels, die onbezorgd kwetteren, geritsel van bladeren. Het lijkt of wij stemmen horen. Maar dat moet een hallucinatie zijn. omdat we te lang verstoken zijn van de beschaafde wereld. Dat komt bij de beste katten voor. De stemmen laten wij dus links liggen. 

Wij leveren hier een gevecht. Van leven op dood. Kat, tegen de natuur. Brein tegen de wetten van grilligheid. Het is zwaar, maar wij, Mabon Sabbath, zullen het winnen. Wij hebben ervaring en zijn niet bang uitgevallen. 

Op onze buik schuiven wij verder. Behoedzaam, waakzaam voor vijanden. Deze zullen wij zeker weten tegen komen. En daarom zorgen wij voor ogen in het achterhoofd. 

Wederom gekwetter. Wij halen uit, want hebben honger. Maar helaas is het diertje behoedzaam. en berekend op vijanden. Dus het vliegt nog net op tijd weg. Wij zullen nog even met knorrende maag door moeten. 

Op een redelijk open plek, komen wij een poel tegen. Gelukkig, wij kunnen ons even laven. Van dorst, hoeven wij niet om te komen. 

Dan is er een aanval. Deze wordt met gebrom aangekondigd. Met scherpe naalden worden wij aangevallen. Maar wij weten de aanval heldhaftig af te slaan. Met onze machtige poot slaan we de aanvaller uit de lucht. Met onze scherpe tanden, bijten wij de kop in één ruk af. Het zwart gele gevaarte spartelt na, maar is verslagen. 

Wij zoeken de camouflage maar weer op. Daar is het smeriger. Het krioelt er immers van de kleine dieren. Maar wel veiliger. Wij hebben minder zorgen om uitvallen vanuit de lucht. Dus accepteren we het vieze pak maar weer. 

Dan duikt er weer een schaduw op. Groter dit keer, ronder. Grijs met witte vlekken. 
Wij spannen de spieren, knijpen onze ogen tot spleetjes. Onze slanke staart zwiept vervaarlijk heen en weer. 
Het gevaarte lijkt een zielig geluid te maken, maar wij laten ons geen knollen voor citroenen verkopen. Het is vast een truc om ons op het verkeerde been te zetten. Zodra we het even niet in de gaten hebben, zullen wij aangevallen worden. en dat mag niet gebeuren. de beste verdediging, is de aanval. 
Wij ontspannen daarvoor nogmaals de spieren. En sluipen als en ninja langs een dichte want. Van schaduw naar schaduw sluipen wij, met ogen tot speeltjes samen geknepen. Dan halen wij diep adem, en springen boven op den vijand. 

Deze geeft een grote schreeuw. Krabt en bijt, maar wij zijn niet van ons stuk te brengen. Het geluk is met ons. Nu ja, geluk. Natuurlijk hebben wij dat uitgebreid berekend. Wij zijn bovenop de rug van de vijand belandt. Deze ligt volledig klem. En wij kunnen krabben, bijten. Laten zien wie hier de baas is, al is het een woestenij. Het is immers wel ONZE woestenij. En deze zal tot de laatste snik verdedigd worden .

De vijand druipt jammerend af. Dodelijk vermoeid zakken wij op de grond. Wij zijn versuft, want hebben heftige inspanningen geleverd. Wij verliezen zelfs het bewustzijn, want wij hebben een tijd niet door wat er gebeurd is, om ons heen. En slechts af en toe dringt er geluid tot ons door.

Nieuw geluid, in de verte. Een stem lijkt. Het dringt tot ons door, maar met moeite. Tot overmaat van ramp, begint het ook nog eens te regenen. Daarom spitsen wij de oren. Weer die stem. Zou het dan toch geen hallucinatie zijn? 

Nee! Het is dat vrouwelijke twee-bener-ding, die verteld dat het tijd is om binnen op bed te gaan liggen! 

Welnu, laat die tuin dan maar even voor wat het is. M.E.U.S., de andere kat, hebben wij daarnet toch nog lekker in elkaar gebeukt. En die irritante vliegen pakken wij ook nog wel.

maandag 10 november 2014

Tegenstrijd en sterren tellen

Neem haar mee uit sterren tellen. Of grassprietjes, boomblaadjes, lantaarnpalen, het is haar om het even. 

Op haar buik, in het gras, in rok met effen shirt of jurk. Haar schoenen heeft ze uitgetrokken. Dat vindt ze het prettigst, want dan kriebelt het gras tussen haar tenen. En dat betekent voor haar zomer. 
Ze wiebelt wat met haar benen, steunt met haar hand haar kin en sabbelt op een nagel. Langzaam vertrekt ze naar een parallelle wereld. Ze is er wel, maar is er niet. In luttele seconden heeft ze een deur gevonden naar haar eigen universum en zweeft ze daar in de gebouwen van haar eigen wereld. Ze verdwaalt er en raakt zichzelf volkomen kwijt. Waarschijnlijk ook elk contact met de werkelijkheid. 
Met haar dromerige blik, het hoofd een beetje schuin, begint ze te babbelen tegen plantjes en insecten. In haar opinie begrijpen ze haar. 
Wees voorzichtig als je dan haar wereld binnen dringt. Veeg je voeten en kies zorgvuldig je woorden. Vol vertrouwen treedt ze je tegemoet, in een warme wolk van omhelzing. Dolblij, dat je haar gevonden hebt in deze wereld. Ze kent daar geen scherpte of geweld en ziet enkel maar het goede. 
Bouw je tempel in haar essentie, vind er je weg naartoe. Ze zal je verafgoden en vereren. 
Je reist op een sokkel naar het epicentrum van haar ziel en wordt benoemd tot oppermachtig wezen. 
Begrijp haar in haar tegenstrijdigheden, ook zij is het product van haar verleden. Zij voert een oorlog in haar hoofd, tegen de fantomen van Memory-lane down Flashback-city. 
Liefkoos haar en heel haar, als ze terugkomt van haar strijd. De krijger in haar is dan dood gebloed en laat achter, een klein kind. Een bang meisje dat wil schuilen in de armen van haar man. Rust wil vinden, in het ritme van schokkende schouders en raspende ademhalingen. 
Ze zal zich laten gaan en van bang meisje transformeren naar volleerde minnares. Als ze dan tot rust is gekomen schaamt ze zich voor al haar uitspattingen, maar op zo'n moment van liefde denkt ze daar niet aan. 
Luister dan en lees het boek dat haar lichaam heet. Ze geeft subtiele hints in de taal van een kreun en beweging. Stel geen vragen, want ze zal ze niet beantwoorden. Daar is ze te verlegen voor en je zult het dus zelf moeten ontdekken. 
Kijk naar haar ogen, haar mond en wat die geruisloos te vertellen hebben. Haar ogen worden wazig, haar mond zakt een stukje open. Haar onderlip gaat trillen en ze legt haar hoofd in haar nek. Dat, of ze begint te bijten, zet haar nagels in je rug en begint te kreunen. 
Ze danst mee in jouw ritmiek, laat zich leiden en verleiden. Spieren spannen zich in haar schoot en ze ligt in een gespannen houding. Stilte...... Drie keer fluistert ze je naam en weer stilte. Stilte in haar lichaam, stilte in haar hoofd. Enkel het geluid van haar gespannen ademhaling, als tromroffel achter de stilte, voor de storm. Al haar spieren zullen zich spannen, om dan weer los te laten en haar te laten gaan. 
Die kleine borstkas herbergt de ruimte voor een orkaan aan decibellen die ze zonder genade over je uitstort. 
Daarna komt de schaamte. De schaamte dat ze zich heeft laten gaan en zich, in haar ogen, als een slet heeft gedragen. De schaamte dat ze je rug heeft open gehaald, je een piep in het oor heeft bezorgd of van je nek een slagveld heeft gemaakt. Want in haar ogen mag zij niet genieten, is zij dat niet waardig. 
Leg dat naast je neer en draag de oorlogswonden als een held. Ze adoreert je en is gelukkig in jouw aanraking. Ze wil geen ander en legt haar leven in je handen, gelijk haar lichaam op jouw bed. 

Zie de dingen die haar raken, in de wereld om haar heen. Die kleine stukjes realiteit waar ze zich aan vastklampt. Haar favoriete kleuren, allermooiste bloemen. Geef haar die en je bent haar held. Tel met haar de sterren. En diegenen waarvan je niet zeker weet of je ze al hebt gehad, tel je gewoon half. 
Wees haar zwarte engel, haar witte demon waar ze mee vliegt. Haar sprankje vastigheid in een realiteit die ze niet snapt. Als haar geweten, haar duiveltje, haar hart, ziel en zaligheid. 
Doe dit, en de belofte van de nacht is gemaakt. 
Bouw je kastelen in de lucht, zet ze vol met meubilair, kroon haar je koningin en zorg voor wat bedoening. Ze wil dwalen in een wereld van elfjes, zwarte redders en zalen van glas. Dansen met haar man, in een wereld die alleen van hun twee is. 
Het is al zo lang stil geweest in haar en er vielen zoveel tranen. 
Aan de wanden van haar ziel..... Plaatjes van mensen die ze liefhad. Foto's die kromtrekken en vervagen, tot en niets meer over is dan de herinnering. En ze had ze allen zo lief, wil ze zo graag nog eens aanraken. Zoveel mensen die ze liefhad, snakkend naar iemand die blijft. Iemand die met haar mee zweeft in haar kastelen, de troon aanneemt die ze hem aanbied en blijft als ze fluistert: "Je hoeft niet weg...". 
Neem haar mee en bouw een wereld vol van zwarte elfjes, licht, muziek en rust. Maak van haar een middelpunt en wees voor haar hetzelfde. 
Ze zal zijn, je moeder en je dochter. Je vijand en je minnares. 
Ze drukt je hoofd tegen haar boezem, als de wereld je bedrogen heeft. Ze zal slechts zwijgen, sussen, troosten. Ze kent immers het klappen van de zweep en heelt. 
Ze kruipt tegen je aan, met haar vinger in de mond, om te luisteren naar het ritme van je hart. Jij bent dan haar levensechte, levens grote teddybeer met centrale verwarming. 
Ze scheldt en tiert in al haar wanhoop. De angst om je weer kwijt te raken na alles wat je met haar hebt opgebouwd. Zo groot dat ze zich niet meer kan ontspannen. Zo bang voor de leegte die er achterblijft dat ze bij voorbaat al huilt, nog voor je haar daar reden toe gaf. 
De onschuld in haar liefkozing, ze zou niet anders willen. Ze heeft je lief met elke vezel, van haar klein onzeker lijf. 
Begrijp haar in haar tegenstrijdigheden en je hebt je bruid gevonden. 
Maar pak het rustig aan. Laat haar in het klimrek hangen, duw haar op de schommel. Doe mee en tel met haar de sterren. Of de vuurvliegjes, net wat er voor handen is. En luister naar haar levensritme.